De ministers Karremans (EZ), Paul (SZW) en Moes (OCW) en staatssecretarissen Becking (Funderend Onderwijs en Emancipatie) en Van Marum (BZK) hebben de productiviteitsagenda opgesteld. Het doel van deze agenda is de groei van de arbeidsproductiviteit in ons land te bevorderen. Dit helpt onder meer tegen de krapte op de arbeidsmarkt.
Bron: Rijksoverheid.
“Nederland behoort nu nog tot de meest productieve economieën van de wereld in termen van toegevoegde waarde per gewerkt uur”, schrijven de bewindslieden een brief aan de Tweede Kamer. Maar “onze productiviteitsgroei is de afgelopen jaren veel lager dan het ooit is geweest, en andere landen groeien harder. We verliezen onze voorsprong als we nu geen actie
ondernemen. Als de productiviteitsgroei verder stagneert, raakt ons brede doel – een hogere welvaart in Nederland – verder uit zicht. Een minder sterke economie verkleint bovendien onze invloed op het wereldtoneel en maakt ons kwetsbaar voor geopolitieke druk.
Meer door slimmer te werken
“Meer productiviteit betekent dat ondernemers meer waarde creëren met minder moeite of kosten. Dat klinkt abstract, maar in de praktijk betekent het: slimmer werken in plaats van harder werken. Voor scale-ups betekenen productiviteitsverhogingen slimme groei: efficiënter werken zonder dat de kosten
of complexiteit te snel oplopen. Denk aan automatisering, sociale innovatie, digitalisering, gebruik van AI en het kunnen aantrekken van gespecialiseerd personeel. Voor grote ondernemingen draait productiviteitsverhoging om het blijven innoveren en concurreren op internationaal niveau. Dat kan via digitalisering, procesoptimalisatie of investeringen in Research & Development (R&D).
Kabinet grijpt in
Het kabinet presenteert in deze eerste Productiviteitsagenda maatregelen om de productiviteit in Nederland te versterken. Dit is zoals aangekondigd in het Regeerprogramma en eerder toegezegd. Ze bevat maatregelen, verkenningen en voorstellen die bijdragen aan de versterking van de arbeidsproductiviteit over de volle breedte van de economie. In deze eerste agenda gaan we in op de terreinen (1) digitalisering en innovatie, (2) concurrentie en interne markt, (3) bedrijfsfinanciering, (4) onderwijs en leven lang ontwikkelen (LLO) en (5) arbeidsmarkt. Ook benoemt de agenda een aantal maatregelen om arbeidsbesparende technologie en innovatie te stimuleren binnen specifieke
sectoren.
Oprichting productiviteitsraad
Het structureel aanpakken van de achterblijvende productiviteitsgroei vereist een stevige kennisbasis. Daarom zal het kabinet een Productiviteitsraad oprichten die concrete beleidsadviezen zal geven om onze productiviteitsgroei aan te jagen. Het kabinet kiest bewust voor de oprichting van deze nieuwe raad, omdat deze het huidige kabinet en komende kabinetten scherp houdt op deze grote en
vaak onderbelichte uitdaging voor onze economie. We kiezen voor een efficiënte inrichting van de Productiviteitsraad met een beperkt aantal raadsleden en klein secretariaat, dat nauw samenwerkt met bestaande instellingen zoals de National Productivity Board van het Centraal Planbureau. We vragen om jaarlijks één rapportage van hoge kwaliteit met concrete beleidsadviezen die goed
afgestemd zijn op de beleidscontext. Op basis van die rapportage zal het kabinet u jaarlijks zijn beleid om de arbeidsproductiviteit te verhogen toesturen.

Klaar voor uitvoering
Sommige voorstellen in deze agenda zijn al uitgewerkt en klaar voor uitvoering, anderen vragen nog om verdere verkenning, dialoog of nadere (financiële) besluitvorming. Een maatregel die wordt uitgevoerd is bijvoorbeeld de ondersteuning van (mkb-)ondernemers in digitalisering via de Europese Digitale Innovatie Hubs. Ook werkt het kabinet aan de realisatie van een Nederlandse AI-fabriek en zet het zich in om binnen Europa regeldruk te verlichten zoals door de regelgeving op het gebied van etikettering te harmoniseren. Door de veranderende economie wordt het steeds belangrijker dat werknemers nieuwe vaardigheden kunnen blijven ontwikkelen, waarvoor Leven Lang Ontwikkelen
(LLO) van belang is. Daarom verkent het kabinet de mogelijkheid om een persoonlijke leer- en ontwikkelbudget te introduceren. Dit is belangrijk voor de Nederlandse productiviteitsgroei op de langere termijn, en voor mensen om mee te kunnen blijven doen met de economie van morgen.
In de steigers
Nog in de steigers staan enkele aanvullende maatregelen uit het 3%-R&D actieplan. Denk aan het vergroten van de experimenteerruimte voor bedrijven. Deze maatregelen vragen wel nog nadere verkenning en besluitvorming. Binnen de bestaande budgettaire kaders kunnen verschillende stappen en verkenningen worden gestart. Voor voorstellen die aanvullende middelen vergen, biedt deze brief een solide vertrekpunt voor toekomstige keuzes en geeft zij richting aan het productiviteitsbeleid van komende kabinetten.
