In aanloop naar het commissiedebat Schiphol op maandag 18 mei heeft de Logistieke Alliantie de Tweede Kamer gevraagd om bij de verdere besluitvorming over Schiphol nadrukkelijk oog te houden voor de rol van luchtvracht binnen het Nederlandse logistieke systeem.
Bron: Logistieke Alliantie.
Volgens het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) vertegenwoordigt internationale handel circa €214 miljard aan toegevoegde waarde voor Nederland, ongeveer 22 procent van het bbp. Goede logistieke verbindingen zijn daarmee direct van belang voor het verdienvermogen en de leveringszekerheid van Nederland.
Luchtvracht is een belangrijk onderdeel van het goederenvervoer van en naar Nederland. Via Schiphol worden onder meer medische producten, hightechcomponenten, bouwmaterialen en producten die dagelijks in winkels en bedrijven terechtkomen vervoerd. Deze goederenstromen zijn afhankelijk van snelle en betrouwbare verbindingen. Maatregelen rond Schiphol kunnen daardoor direct doorwerken in logistieke ketens en de betrouwbaarheid van goederenstromen.
De huidige discussie over Schiphol richt zich begrijpelijkerwijs sterk op geluid, leefomgeving en operationele beperkingen. Volgens de Alliantie moeten bij die afweging ook de effecten op luchtvracht, logistieke ketens en leveringszekerheid worden meegenomen.
Voorzitter Elisabeth Post van de Logistieke Alliantie: “Luchtvracht is een schakel binnen internationale goederenstromen die dag en nacht doorgaan. Besluiten over Schiphol werken daardoor verder door dan alleen de luchthaven zelf.”
Effecten op logistieke ketens meenemen
De Alliantie onderkent het belang van het beperken van overlast en het realiseren van duurzaamheidsdoelen. Tegelijk vraagt zij om bij de verdere besluitvorming over Schiphol ook de effecten op goederenstromen, economische waarde en de samenhang met andere modaliteiten en infrastructuur mee te nemen.
Zonder een bredere afweging bestaat volgens de Alliantie het risico dat het logistieke systeem minder robuust en voorspelbaar wordt. Verstoringen binnen één modaliteit kunnen gevolgen hebben voor leveringen en voor bedrijven die afhankelijk zijn van internationale goederenstromen. Post: “De effecten op logistieke ketens en leveringszekerheid moeten expliciet onderdeel zijn van de besluitvorming.”
Drie aandachtspunten voor de Tweede Kamer
In de brief vraagt de Alliantie specifiek aandacht voor drie punten:
- behoud van voldoende operationele ruimte op Schiphol voor logistieke goederenstromen, waaronder medische producten en hightechcomponenten;
- het mogelijk houden van een betrouwbaar en 24/7 functionerend logistiek netwerk;
- een evenwichtige verdeling van capaciteit, zodat logistieke goederenstromen niet in de verdrukking komen.
Post: “Voor bedrijven en logistieke ketens is voorspelbaarheid essentieel. Dat vraagt om stabiel beleid en voldoende ruimte om goederenstromen betrouwbaar te kunnen blijven organiseren.”
Daarnaast vraagt de Alliantie het kabinet om voorgenomen maatregelen expliciet te toetsen op de effecten voor het totale logistieke systeem en deze inzichtelijk te maken voor de Kamer. Ook geeft zij aan bereid te zijn hieraan bij te dragen, onder meer door kennis en data over goederenstromen en keteneffecten beschikbaar te stellen.
Lees ook:
Opinie ACN & TLN: ‘Oneerlijke krimp Schiphol raakt luchtvracht’
Over de Logistieke Alliantie
De Logistieke Alliantie bestaat uit 17 partners die zich inzetten voor logistiek en handel(ketens) en voor het vestigingsklimaat en verdienvermogen van Nederland waaronder Amsterdam Logistics-partners Havenbedrijf Amsterdam, Royal Schiphol Group en ACN. Overige partners zijn: evofenedex, TLN, Havenbedrijf Rotterdam, ProRail, VNO-NCW / MKB Nederland, Deltalinqs, ORAM, Koninklijke Bouwend Nederland, Koninklijke Binnenvaart Nederland, NVB (binnenhavens), VITO, VRC, KVNR.
